Het was bekend dat aspirine en laag-moleculair-gewicht heparine de kans op een levend geboren kind vergroten bij zwangeren met het ‘antifosfolipidensyndroom’ (een zeldzame stollingsstoornis). Onderzoekers van het ALIFE-onderzoek (Anticoagulants for LIving FEtuses) wilden weten of deze antistollingsmiddelen ook werken bij zwangeren met onverklaarbare herhaalde miskramen. De studie van het Verloskundig Consortium werd gecoördineerd door het AMC en LUMC. In totaal zijn 364 vrouwen onderzocht die tenminste twee onverklaarde miskramen achter de rug hadden en <6 weken zwanger waren (n=299) of die intentie hadden. Ze werden door het lot onderverdeeld in drie groepen: een groep die geen behandeling kreeg, één die aspirine kreeg en één die zowel aspirine als heparine kreeg. Het gebruik van aspirine met heparine of van uitsluitend aspirine verbetert de kansen niet: bij de combinatie-therapie beviel 54,5% van de vrouwen van een levendgeboren kind, 50,8% in de aspirinegroep en 5% bij de placebogroep. Wel hadden veel vrouwen last van bijwerkingen: hinderlijk waren vooral de blauwe plekken en huidreacties op de plaats van heparine-injecties. Alle reden om de behandeling met deze antstollingsmiddelen af te raden, constateren de onderzoekers. De studie naar onbegrepen herhaalde miskramen gaat voort. Samen met acht Britse ziekenhuizen bereidt het AMC momenteel nieuwe studies voor. De hoofdonderzoekers van de ALIFE-studie, AMCgynaecoloog Mariëtte Goddijn en LUMC-internist Saskia Middeldorp, waarschuwen voor overspannen verwachtingen. Goddijn: ‘Goede voorlichting blijft voorlopig de beste behandeling, in het bijzonder over de kans op een zwangerschap die wél goed afloopt. Want die kans is een stuk groter dan veel van de betrokken vrouwen denken: het overgrote deel bevalt vroeg of laat alsnog van een gezond kind.’



