In de onderzoeksprojecten die onder de kop ‘Innovatie’ zijn gerangschikt – waarvan een deel gelieerd is met het onderzoeksthema ‘Healthy Pregancy for all’ (HP4all)- komt duidelijk naar voren dat innovatieprojecten en dus ook het onderzoek verbonden aan het thema Innovatie gedaan moet worden door (alle) deelnemers in de keten. Veelal vindt het onderzoek plaats vanuit of binnen een VSV.
De projecten zijn te groeperen vanuit drie organisatie perspectieven: 1. Optimale zorg op maat geven -de individuele zwangere- 2. Optimale inrichting zorgsysteem en 3. Optimale multidisciplinaire samenwerking.

Vanuit het eerste perspectief, zorg op maat optimaliseren, spitst veel van het onderzoek zich toe op een betere bereikbaarheid van de zorg voor de zwangere met een verhoogd (SES) risico met als doel een verbeterde ‘risicogeleide’ verloskundige zorg. Preconceptiezorg (effect van kinderwens spreekuren) en interconceptiezorg, risicosignalerings instrumenten (R4U) en het nemen van beslissingen in de gezondheidszorg (shared care decision) worden onderzocht in deze categorie projecten. Ook nieuwe prenatale begeleidingsmodellen, waarbij de zwangere meer centraal staat en ook meer eigen verantwoordelijkheid heeft, centering pregnancy, zijn geïntroduceerd. Toepassing bij vrouwen met een lage SES en de haalbaarheid van de modellen wordt onderzocht. (kosten, implementatie succes en waardering).

Vanuit het tweede perspectief, inrichting van een adequaat zorgsysteem, wordt onderzoek verricht naar het vroegtijdig, systematisch gebruik van instrumenten, betere bereikbaarheid van risicogroepen, het bewustzijn over nieuwe vormen van zorgen voor (zorgpad/protocol ontwikkeling, casuïstiek besprekingen, shared care).

Ten derde zijn er projecten met focus op optimale samenwerking. Deze laten heel goed zien hoe de veranderende samenwerking tussen eerste en tweede lijn (inter-professioneel) en met andere partners in de keten (GGD, CJG’s, huisartsen) onderdeel uitmaakt van het Innovatie onderzoek. Vertrekpunt voor deze projecten is een multidisciplinaire visie van waaruit verder ontwikkeld en onderzocht wordt. Bij deze projecten staan niet direct medische risicovariabelen op de voorgrond en wordt de aandacht meer en meer gericht op risicopreventie, ook in de arbeidssituatie.

Preventie is een sleutelwoord bij veel van de innovatie studies. De sociale omgeving, leefstijl en psychische condities, eventueel als onderdeel van cumulatieve risicofactoren, worden meegenomen als risicovariabelen. Ook direct partus gerelateerde factoren, uiteindelijk van groot belang op de uitkomsten van de zorg en tevredenheid, zoals de introductie van een eerste lijns geboortecentrum, pijnbeheersings strategieën, haalbaarheid van de verschillende GBS sepsis preventie strategieën, implementatie strategieën voor de uitwendige versie bij stuitligging, teamtrainingen in een simulatiesetting en zorgverbeterings strategieën na een eerdere sectio, worden kwantitatief (preferenties, effectiviteit, perinatale uitkomsten) onderzocht.

Uiteindelijk moet het verbeteren van de zorg op deze drie niveaus: individueel cliënt, systeem niveau en in samenwerking in de keten, resulteren in betere zwangerschapsuitkomsten. Niet alleen een afname van de BIG4 die 85% van onze perinatale sterfte veroorzaakt, maar ook een verbeterde gezondheid op de latere leeftijd.
Factoren van belang voor het succesvol implementeren van gezondheidsbevorderende strategieën in ons zorgsysteem –experimenten in de zorg- worden geëvalueerd (slaag- en faal factoren). Niet alleen preconceptioneel, tijdens de zwangerschap of peripartaal, maar ook in de kraamzorg periode met aansluiting naar de jeugdgezondheidszorg. Het systematisch uitvoeren van een perinatale audit is redelijk ingevoerd; de vertaalslag naar het invoeren van de verbeterpunten bijvoorbeeld door trainingssessies (auditcyclus) is evalueerbaar (effecten en kosten) en wordt op de effecten beoordeeld.
Het pallet van het zorginnovatie onderzoek in de verloskunde heeft een brede horizon, maar laat vooral ook een indrukwekkende en positieve betrokkenheid van de onderzoekers zien bij de ontwikkeling van een toekomstbestendige verloskundige organisatie; in een voor de zwangere herkenbaar doorlopend traject, ondersteund door alle betrokkenen in de verloskundige zorg!

Juliët Droog, MBA
Verloskundige, LUMC verloskunde, voorzitter VSV Leiden

Prof.dr. Sicco Scherjon
Gynaecoloog, hoogleraar Verloskunde, UMCG