Kraamzorg op maat met de GIZ-methodiek (ZonMw-project)

Geplaatst op

De kraamzorg kan meer afgestemd worden op de behoefte van cliënten en kwetsbare gezinnen in het bijzonder. Dit afstemmen begint bij de intake op basis van het Landelijk Indicatieprotocol Kraamzorg (LIPK, 2008) en fungeert tevens als signaleringsmoment.

Kraamzorginstellingen hebben behoefte aan een manier om de intake doelmatiger, breder en meer signalerend in te richten waardoor de zorg in de kraamperiode meer op maat gesneden kan zijn. Wanneer dit uit gezamenlijke besluitvorming (‘shared decision making’) voortkomt, vergroot dit bovendien de acceptatie van zorg, adviezen en vervolgacties en de aansluiting bij de jeugdgezondheidszorg (JGZ). De GIZ-methodiek (Gezamenlijk Inschatten Zorgbehoefte; Bontje, 2013) wordt toegepast in het jeugddomein en biedt een concreet raamwerk om de (aanstaande) gezinssituatie in kaart te brengen en via gezamenlijke besluitvorming, de zorgbehoefte te bepalen. In dit project passen we de GIZ-methodiek aan voor de kraamzorg en onderzoeken dit in een proefimplementatie.

Doel

Doel is om de bestaande GIZ-methodiek aan te passen voor de kraamzorg zodat 1) inhoud en omvang van de kraamzorg beter afgestemd worden op de behoefte van gezinnen, van kwetsbare gezinnen in het bijzonder, 2) de intake en kraamzorg doelmatiger en 3) meer signalerend worden uitgevoerd.

Vraagstelling/hypothese

  1. Welke omstandigheden, zorgbehoeften en signalen zijn belangrijk om in kaart te brengen voorafgaand aan de kraamperiode?
  2. Welke invloed heeft de intake met de GIZ-methodiek op aantal en aard van geconstateerde signalen en zorgbehoeften van aanstaande kraamgezinnen; aantal overeengekomen uren kraamzorg; overeengekomen inhoud van de kraamzorg; overeenkomst tussen intake en daadwerkelijk geleverde kraamzorg (match – mis-match) en de kosten?
  3. Gebruikerservaringen: hoe ervaren intakers, kraamverzorgenden, samenwerkingspartners in de keten, (aanstaande) kraamvrouwen en eventuele partner de GIZ-methodiek?
  4. In hoeverre is de aangepaste GIZ-methodiek valide om de zorgbehoeften van (aanstaande) kraamgezinnen in te schatten?

Relevantie

De huidige werkwijzen bij indicatiestelling zijn veelal gebaseerd op een eenrichtingsproces waarbij de kraamzorgaanbieder beslist wat er nodig is. Een belangrijk aspect is echter de rol van de cliënt. Juist kwetsbare zwangeren en/of hun partner vragen niet gemakkelijk om hulp of staan wantrouwend tegenover hulp (Frissen, 2007). Omgekeerd betekent het signaleren van zorgbehoeften door een kraamverzorgende niet automatisch dat deze signalen ook herkend worden door de zwangere en haar partner. Vanuit de medische wereld is bekend dat de betrokkenheid van de cliënt bij besluitvorming (‘shared decision making’) belangrijk is voor de acceptatie van de zorg en van adviezen en vervolgacties (bv. Charles, 1997; Sheridan, 2004). De principes van shared decision making (besluitvorming in dialoog) passen bij de huidige tijdgeest. Wanneer de kraamzorg (en verloskunde) vanuit deze principes werken, zal dit tevens beter aansluiten bij het jeugddomein waar steeds meer vanuit dit principe gewerkt wordt. Wanneer in dialoog de zorgbehoefte in kaart gebracht wordt, biedt dit ruimte om ook te bespreken wat er goed gaat in het (aanstaande) kraamgezin en waar dus de krachten liggen. Dit is belangrijk omdat dit vertrouwen geeft en het gezin, wanneer de kraamperiode is afgesloten, hiermee zelf verder kan.

 

Begeleider(s)

Drs. R.M. Vink

Uitvoerder(s)

mevr. drs. Remy M. Vink (TNO)

mevr. dr. Marlies Rijnders (TNO)

mevr. drs. Marjanne Bontje (GGD Hollands Midden)


Partners

Consortium Zwangerschap & Geboorte Noordelijk Zuid Holland

GGD Hollands Midden (ontwikkelaar GIZ-methodiek)

Kraamzorg Ysacare

Kraamzorg Allerliefst

Kraamzorg PKZ

Kraamzorg ZorgVuldig


Contactpersonen

Drs. R.M. Vink

Periode

1 december 2016 tot 1 september 2019



Log in / Registreer