Scriptie – Postnatale zorg in de spotlight

Leidt uitbreiding van de zorg in de postnatale periode in vergelijking met de huidige postnatale zorg tot en met zes weken postnataal tot een tijdige/vroegere signalering van postnatale klachten bij kraamvrouwen en voldoet deze meer aan de wensen en behoeften van de cliënt? Samenvatting: Ervaringen vanuit de praktijk vormden de aanleiding om de postnatale zorgverlening door verloskundigen nader te belichten.

A. van ;st, G. van Davelaar, E. Duenk, C. Rondaij
Daaropvolgend is uit literatuur en interviews gebleken dat niet altijd wordt voldaan aan de wensen en behoeften van de cliënt in de postnatale periode. De huidige verloskundige postnatale zorgverlening betreft de periode vanaf de dag van de bevalling tot en met zes weken postnataal. In de eerste dagen vinden er consultmomenten plaats. Daarna is er in theorie sprake van verantwoordelijkheid van zorg voor de cliënt maar in praktijk vindt weinig tot geen contact plaats met de verloskundigen. De zesweekse nacontrole, ook door de Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV) geadviseerd, vindt niet altijd plaats. Dit betekent dat de inhoud van het verloskundig postnatale takenpakket in de huidige situatie volledig ingezet moet worden in de eerste dagen postnataal. In praktijk worden cliënten overspoeld met voorlichting en wordt gezien dat de borstvoedingscijfers dalen na deze periode; dit alles draagt niet bij aan het welbevinden van de kraamvrouw. Het midwifery vraagstuk is daarom als volgt gedefinieerd: “Leidt uitbreiding van de zorg in de postnatale periode in vergelijking met de huidige postnatale zorg tot en met zes weken postnataal tot een tijdige/vroegere signalering van postnatale klachten bij kraamvrouwen en voldoet deze meer aan de wensen en behoeften van de cliënt?” Uit de probleemanalyse bleek dat verbetering van de postnatale zorg mogelijk is. Uit onderzoek is gebleken dat er meer tevredenheid is wanneer er meerdere zorgmomenten zijn in de eerste zes weken postnataal. Middels de probleemanalyse en literatuuronderzoek is een best passende innovatie gekozen voor het gedefinieerde vraagstuk. De innovatie houdt het implementeren van meerdere individuele consulten in de postnatale periode in. Deze is passend binnen de huidige eerstelijnszorgverlening. Om deze innovatie te implementeren is een plan ontwikkeld waarin vooraf rekening is gehouden met mogelijkheden en knelpunten rondom de innovatie. Dit vergroot de implementeerbaarheid. Het doel van de verloskundige zorgverlener is om een zo optimaal en compleet mogelijk zorgpakket te bieden aan de cliënt. De innovatie houdt een vast aantal consulten in, in de vorm van huisbezoeken, op de eerste dagen postnataal. Overige consulten worden in samenspraak met de cliënt in de zes weken op flexibele wijze ingepland. Middels gesprekken met een buddypraktijk is de groep cliënten, waarvoor de innovatie bestemd is, afgebakend. Door middel van veldonderzoek is de mening van verloskundigen gepeild. Om het implementeren van de innovatie zo goed mogelijk te laten slagen zijn een hoofddoel en zes subdoelen geformuleerd. Daarbij zijn interventies met activiteiten en taakverdeling omschreven en overzichtelijk geplaatst in een schema. Ook is er een tijdsplanning opgesteld, over de totale implementatieperiode en per subdoel. Dit alles om het implementeren van de innovatie inzichtelijk te krijgen en te houden. Het evalueren van het implementatieproject is een belangrijk middel om strategie te veranderen of beoogde vernieuwing bij te stellen. In de evaluatie methode is omschreven dat het plan systematisch moet worden aangepakt en er zoveel mogelijk gebruikt gemaakt dient te worden van feitelijke gegevens. Dit alles tezamen vormt een implementatieplan om de gekozen innovatie succesvol in de praktijk te brengen.

Toelichting:
Dit is een scriptie uit de minor Implementatie van Innovaties.

Begeleider(s)

E. van Limbeek, K. Theeuwen

Datum publicatie

25/07/2010
Log in / Registreer Een reactie plaatsen is mogelijk zodra u ingelogd bent.