Dit onderzoek laat zien dat het behoud van vaardigheden rondom vaginale stuitbevallingen volgens zorgverleners het beste wordt bereikt via regionale samenwerking en gezamenlijke scholing. Centralisatie wordt minder passend gevonden, omdat brede expertise en toegankelijkheid van zorg behouden moeten blijven.

Sinds de publicatie van de Term Breech Trial1 Hannah, M. E., Hannah, W. J., Hewson, S. A., Hodnett, E. D., Saigal, S., & Willan, A. R. (2000). Planned caesarean section versus planned vaginal birth for breech presentation at term: A randomised multicentre trial. The Lancet, 356(9239), 1375–1383. https://doi.org/10.1016/S0140-6736(00)02840-3 is het aantal vaginale stuitbevallingen afgenomen door een toename van geplande keizersneden. Hierdoor staan de ervaring en vaardigheden van zorgverleners onder druk. In Kennispoort Verloskunde is eerder aandacht besteed aan manieren om deze kennis en vaardigheden binnen de opleiding van geboorteprofessionals te behouden2 https://www.kennispoort-verloskunde.nl/onderzoek-in-t-kort/hoe-kun-je-een-verticale-stuitbevalling-oefenen/ . Tegelijkertijd wordt de groep zorgverleners met voldoende ervaring in vaginale stuitbevallingen steeds kleiner, wat de urgentie vergroot om na te denken over hoe deze expertise in de praktijk behouden kan blijven.

Centralisatie nodig en in welke vorm?
De vraag is hoe de zorg rondom vaginale stuitbevallingen het beste georganiseerd kan worden. Is centralisatie nodig, en zo ja, in welke vorm? Met centralisatie wordt bedoeld dat deze bevallingen niet meer in elk ziekenhuis plaatsvinden, maar bijvoorbeeld worden geconcentreerd in een beperkt aantal ziekenhuizen (regionale verwijscentra) of bij een kleinere groep gespecialiseerde zorgverleners. Voorbeelden zijn mobiele ‘vliegende teams’ van stuitexperts of regionale stuitnetwerken met oproepbare specialisten. Dit onderzoek verkent hoe zorgverleners aankijken tegen deze concentratie van zorg en brengt mogelijke oplossingen in kaart om de vaardigheden rondom vaginale stuitgeboorte te behouden.

Onderzoeksopzet
Voor dit kwalitatieve onderzoek zijn tien semigestructureerde interviews gehouden met negen gynaecologen en één klinisch verloskundige. De deelnemers werkten op tien verschillende verlosafdelingen verspreid over Amsterdam. Ze werden doelgericht geselecteerd op basis van ervaring en werkplek, met aandacht voor zoveel mogelijk verschillende soorten ziekenhuizen. De interviews zijn thematisch geanalyseerd om hoofdthema’s en patronen in de antwoorden te ontdekken.

Bekwaamheid, organisatie en alternatieven
Drie hoofdthema’s kwamen naar voren:
1. Het eerste thema, bekwaamheid, laat zien dat regelmatige praktijkervaring, training en samenwerking essentieel zijn om vaardigheden rondom stuitbevallingen op peil te houden. Hoewel centralisatie ervoor kan zorgen dat een kleine groep zorgverleners meer ervaring opdoet, verwachten de meeste deelnemers juist een afname van vaardigheden in de bredere beroepsgroep. Dit kan risico’s geven in acute situaties, bijvoorbeeld bij een onverwachte stuitligging tijdens de bevalling.
2. Het tweede thema, organisatie, maakt duidelijk dat zorgverleners verschillende zorgen hebben over centralisatie. Zij noemen onder andere langere reistijden voor zwangeren en ongelijke toegang tot zorg. Ook speelt werkdruk een rol: het concentreren van zorg kan bepaalde ziekenhuizen extra belasten. Daarnaast worden juridische risico’s genoemd. Deze hebben vooral te maken met onduidelijkheid over verantwoordelijkheid wanneer zorgverleners buiten hun eigen ziekenhuis werken, zoals bij een mobiel team. Het is dan niet altijd helder wie eindverantwoordelijk is voor de zorg, hoe aansprakelijkheid geregeld is en of zorgverleners bevoegd zijn om in een ander ziekenhuis te werken. Dit vraagt om duidelijke afspraken vooraf.
3. Het derde thema, alternatieven, laat zien dat zorgverleners over het algemeen geen voorstander zijn van volledige centralisatie, waarbij vaginale stuitbevallingen niet meer in elk ziekenhuis plaatsvinden. In plaats daarvan geven zij de voorkeur aan een regionaal samenwerkingsmodel. Denk aan een netwerk waarin zorgverleners gezamenlijk trainen, casussen (bijvoorbeeld via video) bespreken en experts beschikbaar zijn voor overleg of ondersteuning tijdens een bevalling.

Samenwerking in plaats van centralisatie
Zorgverleners in dit onderzoek kiezen vooral voor het delen van expertise binnen een regionaal netwerk. Kwaliteitsverbetering ligt volgens hen in samenwerking, scholing en het behouden van vaardigheden binnen de hele beroepsgroep, in plaats van centralisatie.

Wat betekent dit voor jou?
Voor jou als (toekomstig) zorgverlener betekent dit dat het essentieel is je vaardigheden rondom vaginale stuitbevallingen actief te onderhouden. Deelname aan trainingen, simulaties en casusbesprekingen, en samenwerking binnen een regionaal netwerk, helpt niet alleen om kennis en ervaring binnen de bredere beroepsgroep te behouden, maar zorgt er ook voor dat de zorg toegankelijk blijft voor zwangeren in de regio. Een regionaal netwerk voorkomt dat deze vaardigheden geconcentreerd raken bij slechts een kleine groep zorgverleners, sluit goed aan bij de samenwerking tussen eerste- en tweedelijnszorg en biedt bovendien meer leerervaringen en praktijkmogelijkheden voor (student-) verloskundigen. Door actief betrokken te zijn bij dergelijke netwerken en scholingsmogelijkheden, draag je bij aan het behoud van belangrijke vaardigheden én aan veilige, toegankelijke zorg voor alle zwangeren in jouw regio.