Perinatale sterfte in de eerste lijn blijft een reden tot debat. In deze studie werden econometrische analyses toegepast om oorzakelijk verband te evalueren tussen de thuisbevalling en perinatale sterfte. Deze methode werd gekozen omdat het niet mogelijk of niet ethisch is een experiment uit te voeren onder laag-risico zwangeren met randomisatie voor plaats van bevalling. In deze analyse werd de kans op een thuisbevalling voorspeld op basis van de afstand tussen de woning van de zwangere en het ziekenhuis. Vervolgens werden deze thuisbevallingen gerelateerd aan de kans op perinatale sterfte vergeleken met ziekenhuisbevallingen. De uiteindelijke steekproef bedroeg twee groepen identieke laag-risico vrouwen onder controle in de eerste lijn (leeftijd, etniciteit, opleiding, postcode gebied, gezondheidsbewustzijn en -gedrag).

Omdat de auteurs niet vermelden waar de onveiligheid uit bestaat en hoe de resultaten verkregen waren, werd het originele artikel geraadpleegd (Daysal et al, 2015). Data was afkomstig uit de PRN (2000-2008). De analyses waren gebaseerd op 356.412 door de verloskundige verwezen laag-risico primiparae en hun kinderen. Het is onduidelijk hoe de laag-risico vrouwen gematcht werden omdat 68% van de kinderen in het ziekenhuis geboren werd. Data van poliklinische bevallingen onder leiding van de verloskundigen lijken niet geĆÆncludeerd in de analyses. Uitkomstmaten waren Apgar score na vijf minuten en neonatale mortaliteit op dag 7 en 28 post partum (per 1000 geboortes). Kinderen met congenitale afwijkingen werden uitgesloten voor analyse. Lage SES werd bepaald aan de hand van inkomen.

Over het algemeen wonen laag-risico primiparae op 4.8 (1-11) kilometer van het ziekenhuis. Er is een significante correlatie tussen de afstand tot het ziekenhuis en er daadwerkelijk bevallen; de zwangere die dichtbij het ziekenhuis woont, heeft meer kans dat zij hier daadwerkelijk bevalt. Kinderen van durante partu verwezen laag-risico primipara hebben meer kans binnen 28 dagen post partum te overlijden dan kinderen die thuis geboren worden (2,5 versus 0,7 per 1000). Er is geen verschil in Apgar scores van kinderen van laag-risico moeders die in het ziekenhuis of thuis geboren zijn (9.5; SD 0.9 versus 9.8; SD 0,6). Er is een afname van mortaliteit waarneembaar op de zevende en 28e dag post partum voor kinderen van verwezen laag-risico primiparae afkomstig uit postcode gebieden met lagere inkomens. Dit effect is sterker wanneer deze kinderen geboren worden in een ziekenhuis met een neonatale intensive care unit.

De genoemde resultaten vertoonden geen significante verschillen tussen de bevallingen die naar verwijzing in het ziekenhuis plaatvonden met thuisbevallingen. De redenen van overlijden binnen zijn niet genoemd in deze studie. Het is moeilijk te herleiden wat de associatie is tussen thuis bevallen en postpartum overlijden binnen 28 dagen terwijl er sprake was van gemiddeld goede Apgar scores bij deze lage SES vrouwen. Het is onbekend wat er gebeurde met de neonaten tussen de dag van de geboorte en 28 dagen post partum.

Op basis van deze studie kan nog geen antwoord gegeven worden of de thuisbevalling het risico veroorzaakt voor de neonatale sterfte en of aansturen op een (poli)klinische partus bij lage SES vrouwen de juiste aanbeveling is om perinatale sterfte te verminderen.

De link naar het Nederlandstalige artikel over het onderzoek dat is gemaakt door Medisch Contact:

Daysal M, Trandafir M, van Ewijk R. Thuisbevalling riskanter in arm gezin. Medisch Contact. 2016; 13:16-18

http://www.medischcontact.nl/archief-6/Tijdschriftartikel/153359/Thuisbevalling-riskanter-in-arm-gezin.htm

De link naar het onderzoek dat als bron is gebruikt voor het artikel in Medisch Contact:
Damsel M, Trendier M, van Erik R. saving lives at birth: The impact of home births on infant outcomes. American Economic Journal: Applied Economics. 2015; 7(3): 28-50

https://www.aeaweb.org/articles?id=10.1257/app.20120359